HEIDERIJK EN KLANKBORDGROEP

Op donderdagavond 31 maart 2011 is er in de Mallemolen in Groesbeek een bijeenkomst geweest in het kader van het opzetten van een klankbordgroep voor het project Heiderijk.

Tijdens de goed-bezochte bijeenkomst bleek al snel dat de wonden rond de boskap bij velen nog niet waren geheeld. De bezoekers werden in de gelegenheid gesteld om vragen schriftelijk in te leveren en de projectgroep van Heiderijk heeft toegezegd zoveel mogelijk te proberen ook schriftelijk antwoorden te geven op de gestelde vragen. Ook zijn er de nodige antwoorden gegeven op de avond zelf. Daarbij is het ook niet altijd even makkelijk om duidelijke antwoorden te geven.

Om een bijdrage te leveren aan het scheppen van meer duidelijkheid rondom het eventuele vervolg van Heiderijk (vanaf 2015) zullen sommige vragen en antwoorden ook hier op dit blog worden genoemd, zodat alle geïnteresseerden de ontwikkelingen rondom Heiderijk en de verdere ontwikkeling van het 'Sprinkhanenreservaat' kunnen volgen. Reacties kunnen onderaan de verschillende artikelen worden geplaatst.

VERSCHILLENDE MOGELIJKHEDEN OM VERDERE HEIDERIJKBOSKAP TE VOORKOMEN
Er zijn een aantal scenario's denkbaar waardoor het volgens mij niet nodig zal zijn om nogmaals vele bomen te kappen. Deze worden hieronder kort beschreven:
 
1. Er is in 2014 nog geen of niet voldoende heide ontstaan. Het ontstaan van voldoende heide is een voorwaarde om verder te gaan met het project. Als op Mulderskop geen heide ontstaat zal het waarschijnlijk ook niet meer ontstaan op andere gebieden die op de kapnominatie staan.
 
2. Er worden voldoende bedreigde diersoorten waargenomen tot 2014. Een mogelijkheid waar ik nog niet zo bij had stilgestaan: mocht er zich wél genoeg heide vormen waardoor de bedreigde diersoorten (zoals de blauwvleugelsprinkhaan, zie foto) een goed onderkomen hebben dan kan het zijn dat er geen reden is om verder te gaan met het boskapproject en het maken van nieuwe corridors. 

Tijdens de avond bleek dat er nog geen duidelijke criteria zijn die bepalen wanneer er genoeg bedreigde diersoorten zijn en wanneer niet. Het blijkt namelijk niet alleen te gaan om de hoeveelheid van een bepaalde diersoort per hectare, maar ook vooral om de spreiding van de diersoorten over het gebied. Hier zouden harde afspraken over gemaakt moeten worden, wellicht is dat mogelijk binnen de klankbordgroep.

 
3.Financiële Beperkingen. Door alle veranderingen op politiek niveau bestaat de mogelijkheid dat de Heiderijk stuurgroep niet genoeg politieke steun heeft om het project verder door te zetten. Als er geen geld wordt vrijgemaakt dan wordt het ook lastig om verder te gaan met het project. Mevrouw Folsche van Staatsbosbeheer merkte tijdens de bijeenkomst in Groesbeek op dat er vergaande plannen zijn om de financiering van Staatsbosbeheer van het Rijk over te hevelen naar de provincies. Het is daarbij niet geheel duidelijk wat dat allemaal voor consequenties kan hebben.

4.Grootschalig Maatschappelijk Protest. Een andere optie is dat de protesten onder de bevolking dermate grote vormen aannemen dat het draagvlak voor het verder kappen van bomen wel erg klein wordt waardoor het project Heiderijk genoodzaakt is om een verdere uitbreiding van de heidegebieden en het scheppen van corridors te staken. Het vervolg van het project vindt vooral plaats in de Natuurmonumentengebieden van de gemeente Mook-Middelaar. 

De gemeente heeft in 2005 haar bos verkocht aan Natuurmonumenten waardoor haar democratische invloed danig verminderd is. De vraag is dan in hoeverre de bevolking en de gebruikers van het bos invloed kunnen uitoefenen op het beleid van Natuurmonumenten. Het referendum in Molenhoek in 2010 heeft laten zien dat de bevolking tegen verdere kap is in hun bos.